Toulouse

19 jun, 2021 Onderdeel van poésies | Geen reacties »

Paul Gellings is dichter, schrijver en vertaler. Zijn oeuvre is indrukwekkend. Bij Uitgeverij Arbeiderspers kwamen enkele van zijn gedichtenbundels uit. Zijn romans zijn onder andere Witte paarden (2001), De zomer van Icarus (2010), Verbrande schepen (2011), Augustusland (2013), De jacht op de klaproos (2016) en De wereld als leugen (2018). Voor komend najaar is het verschijnen van de familieroman Het smeedwerk van de tijd gepland. In 2014 is van hem een roman in het Frans in het licht gebracht: Amsterdam Quartier Sud (Ed. Pierre Guillaume de Roux). Paul Gellings is door het Franse ministerie van Cultuur onderscheiden voor de manier waarop hij al sinds bijna veertig jaar de Franse taal en cultuur onder de aandacht brengt.

Lees verder »

Cèpes

11 jun, 2021 Onderdeel van politiques | Geen reacties »

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Als je zegt dat je ze op de markt hebt gekocht, kijken de mensen je aan met een wat meewarige blik. Want dat is het ware niet. Nee, eekhoornbroden – in het Frans cèpes – moet je zelf in het bos hebben gevonden. Dan eet je deze koningin van het paddestoelenvolk met des te meer genot. Ik laat bange stadsmensen buiten beschouwing. Die zijn per definitie wantrouwig: misschien zitten er bij de paddenstoelen, die ons daar worden opgedist, een paar giftige tussen. Wat je kant en klaar in de winkel koopt, dat is toch maar veiliger. De stakkers! Nee, eten is niet alleen voedsel naar binnen werken. Eten is ook een ritueel, je praat erover, je hebt het over de herkomst van de ingrediënten, over hoe je ze klaar moet maken, welke wijn erbij past, enzovoort. Fransen zien dit is als een vorm van beschaving, en dat is het ook. Maar opgepast! Ik had het over de herkomst van het voedsel, wat de cèpes betreft doe je er goed aan niet al te veel door te vragen. Bij behoorlijke mensen spreekt het voor zich dat ze zelf hebben gevonden, maar vraag niet waar. Dat hoort niet. Waarom niet? Omdat je hen dan dwingt het hoofd te schudden. Want ze zullen het niet zeggen, nooit en te nimmer. Iedereen heeft zo z’n plek waar hij zijn cèpes vindt, maar het blijft voor anderen een geheim. Iedereen zal er maar eens de boel komen leegroven, dat willen we niet. Toch heb ik één keer bij mensen de vraag gesteld: “Waar komen ze vandaan?” Het antwoord was bijzonder verrassend, voor mij een bewijs dat het grote land Frankrijk soms heel klein kan zijn.

Lees verder »

Kathedraal van Kant

28 mei, 2021 Onderdeel van paysages | Geen reacties »

Column door Gerwin van der Werf

Wie over de A31 vanuit Luxemburg richting het zuiden rijdt komt Metz tegen. Je rijdt er bijna tegenaan. Metz is een mooie stad aan de Moezel, maar ik geloof dat ik op een paar francofielen na de enige Nederlander ben die de stad bezocht heeft. Jaarlijks rijden dus miljoenen landgenoten over die afgrijselijke A31 naar hun vakantiebestemming ergens in het zuiden waar het heet is, maar niemand stopt ooit in Metz. Dat komt omdat Metz te dichtbij is om een tussenstop te doen, je bent nog nergens als je bij Metz bent, zo denkt de vakantieganger – voor zover een doorsnee vakantieganger op denken betrapt kan worden. Het is een misvatting die ik graag in stand wil houden, omdat Metz dan lekker van mij blijft. De historie van Metz gaat drieduizend jaar terug, dat is indrukwekkend, maar daar wilde ik het niet over hebben, het gaat mij om de kathedraal. Iedereen die over die A31 raast kent die kathedraal, dat kan niet anders want je rijdt er dus kilometerslang recht op af. Net als je gaat geloven dat de snelweg dwars door de kathedraal heen loopt, buigt de weg af naar rechts, om het centrum van Metz heen. Dat geeft je de gelegenheid de kathedraal van alle kanten te bekijken, want het volgende moment dat je hem weer ziet rijd je er zowat naast, het bouwwerk lijkt doorzichtig, gewichtloos en wordt geflankeerd door twee torentjes van fijn kantwerk. De snelweg maakt gewoon een rondje, een ererondje voor deze kathedraal. Het gebouw bezit het op twee na hoogste middenschip van Frankrijk, staat op het hoogste punt van de stad en is bovendien het gebouw met het grootste oppervlak aan glas-in-lood ramen ter wereld. Maar ach, rijdt u toch door, nu is de kerk achter u, hij zit nog een tijdje in uw achteruitkijkspiegel en dan is het op naar Nancy, Toul, Dijon, Lyon, Orange…

Lees verder »

Enfin ! De biografie van Jef Last !

23 mei, 2021 Onderdeel van proses | Geen reacties »

Column door Rudi Wester

In januari 2021 kwam mijn biografie over Jef Last uit onder de titel Bestaat er een raarder leven dan het mijne? Gelukkig kreeg het overal goede tot zeer goede recensies, al schreven sommige kranten dat ik er ruim dertig jaar over had gedaan. Dat nu is overdreven, al moet ik erbij zeggen dat er heel wat weddenschappen op af zijn gesloten: komt-ie wel of niet? In werkelijkheid werkte ik, als free lance literair criticus voor Vrij Nederland, Trouw en Opzij, eraan van 1986 tot 1991, waarin ik vooral gesprekken met zijn drie dochters, met mede-verzetsmensen en met oude vrienden op band opgenomen heb. Maar toen werd ik (adjunct)directeur van het Literair Vertalingenfonds (nu: Het Letterenfonds), vervolgens directeur van het Institut Néerlandais en ambassaderaad voor culturele zaken aan de Nederlandse ambassade in Parijs, en daarna artistiek directeur om van mijn geboortestad Leeuwarden ‘European Capital of Culture 2018’ te maken. Dat lukte, en ik bleef aan om culturele projecten tussen Valletta, de andere 2018–stad, en Friesland op te zetten. Tot ik op 1 november 2016 besloot mijn baan op te zeggen en de biografie af te maken. Het was nu of nooit.

Lees verder »

Rivesaltes, een oord van stille moord

16 mei, 2021 Onderdeel van paysages | Geen reacties »

Column door Sarah De Vlam

Op 30 mei 2019 parkeer ik pal op de middag mijn kleine rode peugeootje op de zonovergoten immense parking van de Mémorial van het concentratiekamp van Rivesaltes. Er staan enkele auto´s, niet meer dan vijf. De meesten met een buitenlandse nummerplaat, zoals de mijne. Het is muisstil, de zeebries is gaan liggen, zelfs met zonnebril kijk ik door twee fijngeknepen oogspleten 360 graden in het rond. Ik heb over deze plek en omgeving gelezen. Het zijn de getuigen en hun vluchtelingenverhaal die me hier brengen. Zij beschreven de pastelkleurige hemel, het felle licht, de zonsondergang in de bergen – voor de Belgen een nieuw fenomeen, want in hun geheugen gaat de zon altijd onder in de zee –, de warmte die het landschap doet trillen, de typische Mediterrane vochtigheid die als een blanke voile over het vlakke droge landschap hangt en de majestueuze berg de Canigou, de laatste grote top voor de Pyreneeën in zee verdwijnen. Dit was het baken waarvan de vluchtelingen wisten dat dáár Spanje lag, de richting waar zij heen wilden.

Lees verder »