Van boekhandel tot bordeel

8 nov, 2011 Onderdeel van plaisanteries

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Dit is het verhaal van een boekhandel die een bordeel werd. Of althans bijna. Het verhaal bevat elementen waaraan iemand als Zola zich zou hebben verlustigd, ik denk daarbij vooral aan de langzaam maar zekere ondergang van de boekhandel aan de overkant van de straat (lees Au bonheur des dames, of L’argent). Tja, die boekhandel aan de overkant van de straat weigerde met de tijd mee te gaan, vertoonde misplaatste scrupules bij het aanwenden van de meest eigentijdse marketing-formules. Moet je ook niet komen zeuren dat je bij de concurrent achterop raakt. En als je er dan onderdoor gaat : dikke bult. Wie koopt nou nog iets wanneer er niet een blote dame (of knaap) bij te pas komt ? Toch ?

In benepen tijden

Héél lang geleden – dat wil zeggen vijftig jaar geleden – in de tijd dat de mensen nog achterlijk waren, benepen en gevangen in een keurslijf van fatsoensregels die de zelfontplooïng in de kiem smoorden, toen waren de heer Bosman en de heer Bokma nog elkaars beste vijanden. Jan Bosman, van boekhandel Bosman, op nummer 16, was rood. Piet Bokma, van boekhandel Bokma, op nummer 35, stemde op de CHU. Na het sluitingsuur van hun winkels gingen ze regelmatig samen een glaasje drinken in het café op de hoek. Voor de overige stamgasten was het een vertrouwde aanblik, hen beiden aan een tafeltje te zien zitten en hen daar tegen elkaar te zien schreeuwen. ‘Nee, het communisme is niet wat Lenin en Stalin ervan hebben gemaakt, het oorsponkelijke socialisme is nobel, rechtvaardig en het is en blijft wat de tijdgeest ons heeft voorbestemd !’ – brulde Bosman, terwijl hij met zijn vuist op het tafeltje sloeg. ‘De revolutie is een onding, omdat het ervan uitgaat dat de mens van oorsprong goed is en dat het kwaad in de samenleving enkel te wijten is aan verkeerde structuren. Maar als de mensen goed zijn, hoe kunnen ze dan ooit kwade structuren hebben bedacht ?’ – aldus Bokma, die niet met zijn vuist op tafel sloeg, maar die met zijn vinger Bosman in zijn borst prikte. Ach ja, het waren bevlogen lieden. Hoe ze ook in hun ideeën mochten verschillen, twee dingen hadden ze gemeen : eerlijkheid en loyaliteit enerzijds en een rotsvast geloof in de pedagogische roeping van het boekhandelbedrijf anderzijds. Bosma legde Het Kapitaal van Marx, de werken van mensen als Roland Holst, Herman Gorter, het echtpaar Romein, en vertalingen van Zola en Aragon in de etalage. Bokma legde weliswaar van alles wat hij gelezen had voor zijn winkelraam, maar hij had er ook een hoekje uitgespaard waarin herdrukken van Bilderdijk, Groen van Prinsterer (‘Ongeloof en revolutie’) en Da Costa lagen. Ja, ze zagen hun vak als een bijdrage tot de verheffing van het volk. Benepen, achterlijke tijd. Tijd voor losers !

De volgende generatie

Aan wie zal ik de verdorven zoon geven, aan Bosman of aan Bokma ? Het maakt niet uit. Of de persoon nu communist is, of christen-democraat, de een net zo goed als de ander kan een geestelijk mismaakt gedrocht voortbrengen. Laten we zeggen dat het Bokma was – en dat Bosman kinderloos bleef. Het gedrocht kreeg bij zijn doop de naam Jacob mee (nu noemt hij zich James). In de beginjaren van Thatcher en Reagan en de ‘snelle jongens’ (spreek uit : sssjnelle jongessssj) nam hij de handel van zijn vader over, en in een mum van tijd had hij er een commercieel succes van gemaakt. Enkele oud-gedienden die volgens de tabellen van de managers, die Bokma junior had ingeschakeld, te veel tijd besteedden aan het praten met de klanten vlogen de laan uit en werden vervangen door een paar goedkope en half-analfabete tieners. De boeken van Bilderdijk, Groen van Prinsterer en Da Costa verdwenen in de spoeling van de WC, om plaats te maken voor glossy kaften. ‘Boeken ?’ – orakelde James Bokma : ‘Je moet ze verkopen’ (spreek uit : verkaupen). En ook : ‘Dat is nou echt democratisch, zo’n top-tien lijst. De mensen maken zelf uit wat goed is, koopcijfers bepalen de waarde, we dringen niets op’ (nééééé …). En de boekhandel aan de overkant van de straat, boekhandel Bosman, zag deze ontwikkeling met lede ogen aan. Hoe meer Bokma zich uitbreidde (de eerste uitbreiding bestond uit een afdeling CD’s en DVD’s), hoe meer ook de nering van Bosman kwijnde. Niemand die daar meer kwam, in dat stoffige lokaaltje bij die verzuurde oude man die het maar niet kon nalaten zich aan je op te dringen met zijn opmerkingen over de boeken die je uit de kast pakte. Als je shopt, dan wil je anoniem blijven, en niet dat ze zich met je keuzes komen bemoeien – toch ? In 2005 stierf de oude Bosman, en nam James Bokma het failliete zaakje over. Het werd het filiaal voor de kinderboeken. Het bedrijf werd omgedoopt tot Bobo (van Bo-kma en Bo-sman). ‘Kopen bij Bobo’ is nu een begrip geworden in de hele stad.

Bloot

En toen kwam er een afdeling Video-games bij, en een bar, en een speeltuin. En elke uitbreiding ging ten koste van een kast met boeken. O ja – en over die blote juffen ? Nee, zo erg is het nog niet, al heeft bij onze James, na een reis naar Las Vegas, wel de gedachte in een hoekje van zijn brein post gevat : bij elke aankoop van over de 100,= Euro een gratis rendez-vous met een spaarzaam geklede dame in een afdeling ‘Interactief doe-wat-je-leest-plezier’. Tot nog toe beperken we ons tot Jolanda, die bij elke promotie van een nieuwe bestseller op de top-tientafel (er zijn haast geen kasten meer) op de stapel gaat zitten. Als ze dat op dure auto’s doen, waarom niet op boeken ? Die moet je toch ook verkopen ? Bloot ? Nee hoor, ze draagt een string. Kopen bij Bobo…

Jullie hebben het begrepen, dit is een boutade. Er zijn gelukkig veel boekhandels die weigeren hun ziel te verkopen. Ik kan namen noemen. Mensen, ga dààr naar toe – en niet naar die paar andere, niet naar Bobo ! Het kiezen van een boek begint met het kiezen van de boekwinkel. Aan een Tostoj of een Zola die je bij Bobo hebt gekocht kleeft een smet. Zonde, wanneer je die boeken net zo goed zonder smet bij die andere winkels kunt krijgen. Zo, en nu eindig ik toch nog met een moraal. Ik ben beslist ‘niet van deze tijd’ – nee, ik ben van een komende tijd. Een komende tijd waarvan ook de oude Bosman en de oude Bokma droomden, en die ondanks de botte bordelerigheid die onze tijd kenmerkt (maar welke tijd heeft niet zijn ondeugden?) beslist niet opgehouden heeft komende te zijn.

  1. 1 Reactie op “Van boekhandel tot bordeel”

  2. Door Henri Bik op 12 nov, 2011

    Vaardig geschreven boutade, maar de tijd schrijdt voort…
    Mijn kinderen lezen helemaal geen boeken meer en ik steeds minder.

Reageer