Jehovamarketing

19 sep, 2017 Onderdeel van proses | Geen reacties »

Column door Renée Vonk

Ik zat die zondagochtend in bad, en niet eens op een onchristelijk tijdstip, toen furieus geblaf van de honden me verschrikt naar m’n handdoek deed grijpen. De echtgenoot had bij gebrek aan sigaren met de smoes dat hij de krant ging halen, al even eerder de benen genomen naar het dorp. Die zou wel weer na aperitieftijd opduiken, op tijd voor de lunch vanzelfsprekend: er stond tonijnsoufflé in de oven te rijzen. Ik wikkelde me in het pluiskatoen, maar vond bij nader inzien dat het lapje toch te krap bemeten was (of ik te ruim natuurlijk), je weet maar nooit wat je aan de voordeur treft. Ik ragde me min of meer droog en schoot foeterend in m’n thuiskloffie dat ik net daarvoor de wasmand had in gekieperd. Met een humeur als een oorwurm rukte ik de voordeur open. Lees verder »

Beeldenstorm

7 sep, 2017 Onderdeel van paysages | Geen reacties »

Column door Caspar Visser ’t Hooft

De protestantse gemeenten van Lille en Dunkerque organiseren elk jaar, op de laatste zondag van augustus, een hagenpreek. In de Westhoek, dat is de streek die zich tussen die twee steden uitstrekt, oftewel Frans-Vlaanderen. Zoals de naam het zegt, deze preken worden gehouden in de buitenlucht – weliswaar niet naast, voor of achter een haag, al zijn er hagen genoeg in de omgeving, maar op de steile houten trap die naar de ingang van een molen leidt. Deze molen is te vinden in een wei tussen de stadjes Wormhout (uitgesproken Wormoet) en Cassel. De molen heet de moulin deschodt. Ja, we zijn in Frankrijk, maar de namen zijn Vlaams: deschodt… Weten jullie hoe de vleesragout heet die zo typisch is voor deze streek? Potjevleesch (uitgesproken potchevlesch). Ook het landschap, plat met hier en daar een bolle heuvel met een dorp erop, het heeft iets breugheliaans. Eind augustus-begin september is de beste periode, de velden zijn gemaaid en op de stoppels liggen de balen goud te glimmen. Hoog in de ijle, diepblauwe lucht, piept een leeuwerik. Het was in dit vergulde seizoen dat hier, in deze streek – precies deze streek – de beeldenstorm begon. Dat was in 1566. Ja, hier in Cassel, Steenvoorde, Poperinge, Hondschoote, Wormhout – Vlaamse stadjes, nu Frans. Misschien stond hij daar, op de trap van de moulin deschodt, de beruchte prediker Sebastiaan Matte, toen hij zijn toehoorders tot het afbreken van de stenen heiligenbeelden in de naburige kerken en kloosters aanvuurde? O nee, het was in Steenvoorde. Ook daar staat een molen… Lees verder »

Velours d’Utrecht

26 aug, 2017 Onderdeel van paysages | Geen reacties »

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Victor Hugo heeft zoveel geschriften op zijn naam staan, en in zoveel daarvan wordt bovendien naar verleden tijdperken verwezen, dat het niet anders kan of hij maakt hier een daar een historisch foutje. In zijn hoofdwerk Notre Dame de Paris komt een prochronisme voor. Een wat? Een prochronisme, dat is het te vroeg in de tijd plaatsen van een gebeurtenis of onderwerp (het omgekeerde is een parachronisme, en pro- en parachronismen zijn allebei anachronismen – ja, meester…). In Notre Dame de Paris wordt ergens het meubilair van een adellijke behuizing beschreven, Hugo heeft het over zetels overtrokken met velours d’Utrecht. Deze benaming van een bepaalde stof komt vaak voor in 19e eeuwse Franse romans. Wanneer ik dit bij het lezen tegenkwam, vroeg ik me altijd af: wat is dat toch ? Velours is in het Nederlands fluweel. Hebben jullie ooit van ‘Utrechts fluweel’ gehoord? Ik nooit. Ditmaal dacht ik (tot dusver was ik er blijkbaar te lui voor geweest): even opzoeken. Blijkt dat we het in Nederland over ‘trijp’ hebben. En sinds wanneer hebben we het over trijp – en de Fransen over velours d’Utrecht ? Sinds de herroeping van het Edikt van Nantes, in 1685, toen in Frankrijk de protestantse godsdienst werd verboden en tienduizenden Fransen hun toevlucht kwamen zoeken bij ons in de Republiek. Onder hen bevonden zich textielfabrikanten uit de stad Amiens, gespecialiseerd in de fabricatie van een uniek weefsel op basis van geitenhaar. Ze vestigden zich in de domstad, om daar vervolgens hun bedrijf voort te zetten. Ja, alleen vanaf dat tijdstip, einde 17e eeuw, kan men met recht van velours d’Utrecht spreken. De roman van Victor Hugo speelt zich af in het jaar 1482. Lees verder »

N7

16 aug, 2017 Onderdeel van paysages | Geen reacties »

Column door Caspar Visser ‘t Hooft

Iemand vertelde me dat hij laatst mijn naam was tegengekomen. Ik denken: Fijn, hij zag een boek van me staan – of liggen (dat is nog beter) – in een boekhandel. Nee – nee, dat was het niet. O, wat dan wel? De persoon wist het zich zo gauw niet te herinneren. Hij kwam er de volgende ochtend op terug, de nacht had raad gebracht: het was in een klein, geïmproviseerd museum aan de kant de weg. Ergens tussen Montélimar en Orange. Een museum met allerlei objecten en foto’s die betrekking hebben op een befaamde nationale route, de Nationale 7. Hè? – zeg ik, en ook: Kom, wat doet mijn naam dààr nou? En toen ging ook mij opeens een licht op. Maar natuurlijk! Ik had op verzoek van een van de beheerders van dat museum een tekst met uitleg in het Nederlands vertaald. Een kennis, Francis. Ik was de enige Nederlander die hij kende, vandaar zijn verzoek. Alles op vrijwillige basis, het grappige museum bestaat dankzij de onbaatzuchtige inzet van hobbyisten. Van mij had mijn naam niet onder de Nederlandse uitleg hoeven staan, Francis dacht daar anders over. En sindsdien komen Nederlandssprekende bezoekers van het museum hem tegen. Zo gek, opeens jouw naam daar te zien staan, op het houten bordje dat je bij binnenkomst wordt aangereikt met daarop de documentatie! Zo onverwacht! Lees verder »

Geef mij maar het zuiden, geef mij maar Parijs

12 aug, 2017 Onderdeel van proses | Geen reacties »

Column (in briefvorm) door Peter Hagtingius en Julia Fortuin

Dag Julia,

Beetje vol te houden in de hoogovens-hitte die volgens BFMTV jouw Parijs teistert? En dat dan in die overbevolkte partytent, het lijkt me een combi die een explosiegevaar impliceert waar je geen terrorist voor nodig hebt. Zodra het koel helder hoofd ten offer valt aan de guillotine van de ‘koperen ploert’ is ’t vaak hommeles. Al helemaal natuurlijk in zo’n ademloos gebied als het jouwe dat wij in het zuiden tot het hoge noorden van het thermo-ondergoed rekenen en waar iedereen al in de war raakt zodra het kwik per ongeluk een keertje 20 graden plus aantikt. Wij vinden het dan vrij fris. Beneden de 30 graden kennen we het begrip chaleur niet. Ik ben niet zo van ‘het klimaat’, maar ik geloof wel dat de thermometer – maar dan over een paar eeuwen gerekend – het denken en doen van onze diersoort bepaalt. Lees verder »